Bestuurlijk sterk en intellectueel afgevlakt? Word wijs, ga voor wijsheid én impact.

Klopt het dat, willen wij concurrerend blijven, wij onze belastingen moeten optimaliseren?

aldus vraagt de toezichthouder aan de bestuurder, doelend op belastingontwijking, door inkomsten hier te verschuiven naar elders. Deze vraag is geformuleerd door Frans Duynstee (Connectum).

Dit is een voorbeeld van een zeer relevante vraag. Een goede vraag, omdat het de lading dekt, de lading in de betekenisruimte ‘vangt’.

De achtergrond: Nederlandse bedrijven zijn, mede door de snelle opmars van het online zaken doen (en daarmee de transparantie van vraag en aanbod), in concurrentie met organisaties die in staat zijn hun inkomsten op papier te laten vallen in landen waar men nauwelijks belasting betaald. Een element daarbij is dat men wel gebruik maakt van de Nederlandse infrastructuur (wegen, onderwijs, zorg, etc.) maar daar niet aan bijdraagt. De aanname te checken maakt het tegen die achtergrond een goede vraag.

Maar is het de juiste vraag?

In de canon der maieutiek (de verzameling vraagsoorten met verschillende effecten dat ik aan het samenstellen ben) maak ik onderscheid tussen goede vragen en juiste vragen. Goede vragen zijn vragen die inhoudelijk adequaat zijn. Dat betekent dat goede vragen precies doen wat de vraag van Frans Duynstee doet: de lading vangen van een betekenisruimte. Maar is het ook de juiste vraag?

Je kunt beredeneren van niet. Een juiste vraag is een vraag die op dat moment het juiste effect heeft. Dus hoewel een goede vraag inhoudelijk klopt, betekent dat nog niet dat dat ook de juiste vraag op het juiste moment is. De inhoudelijk beste vraag is niet altijd de beste vraag om op dat moment te stellen. Over het onderscheid tussen goede en juiste vragen leer je meer in onze Mastercourse Maieutiek I – de kunst van het vraag stellen. Maar hoe zit dat hier?

Als het doel is om het onderwerp eens aan te snijden, dan is het best een goede formulering. Maar waarschijnlijk werkt de vraag niet optimaal. Ik betwijfel dus inderdaad of dit ook de juiste vraag is. In de bestuurskamers heeft hetgeen uitgesproken wordt vaak een grotere onuitgesproken betekenis. En nu weet ik wel dat de functie van die code is steeds te checken of we nog wel hetzelfde spel begrijpen en meester zijn zonder dat we die woorden uitspreken, laat staan daar op aangesproken kunnen worden. Ik weet best dat dat zo werkt. Maar dat heeft negatieve gevolgen voor het gespreksklimaat.

Want waarschijnlijk heeft de toezichthouder nog andere vragen in gedachten waarover hij de bestuurder wil doen nadenken. Als dat zo is lijkt het mij beter die suggesties als zodanig in te brengen. En dan is het waarschijnlijk een andere vraagsoort die beter past. Er kan bijvoorbeeld een morele vragen onder liggen, of een socratische vraag. Daarover kunnen we dus meer leren, zodat we niet alleen het denken richten en indirect beïnvloeden, maar ook het gezamenlijke denken ontwikkelen en depolitisering, juist bij een politiek geladen onderwerp als dit.

Voor wie de kunst van het vragen stellen meester is, kunnen die twee kwaliteiten juist gemakkelijk samenvallen: invloed en verdieping.